Langzaam krijgen de elementen vat op de iconische fabriek van Aluchemie in de Botlek en vallen er gaten in het enorme complex, waar vanaf 1965 anodes voor de aluminiumproductie werden gemaakt. Een complex dat er heel anders uitziet dan de raffinagekolommen in de omgeving. Wat wel hetzelfde is als bij veel andere chemiefabrieken, is de fraaie architectuur van het fabriekskantoor – vintage jaren zestig betonarchitectuur van de befaamde Rotterdamse architect Jan Hoogstad, met aluminium bloembakken en een aluminium beeldhouwwerk. De fabriek is ruim een jaar geleden gesloten. Al die tijd nam ik me voor om er een kijkje te gaan nemen. Eind december was ik er en heb de fabriek nog eens van alle kanten op afstand bekeken en gefotografeerd. 

Tekst: Bart Kuipers

Medio jaren negentig kwam ik voor het eerst de fabriek binnen voor een interview. Bij Aluchemie werden anoden voor de aluminiumproductie gemaakt. Dit zijn grote blokken koolstof die een aluminiumfabriek worden gebruikt bij een elektrolyseproces om van aluinaarde vloeibaar aluminium te maken. Aluchemie maakte dus zelf geen aluminium maar een essentiële toevoeging voor het productieproces in elders gevestigde aluminiumfabrieken. Anodes worden gemaakt van petroleumcokes – een reststof bij de olieraffinage -, steenkoolteerpek – een reststof bij de staalproductie – en restanten van reeds gebruikte anodes. Het proces is daarmee circulair avant-la-lettre. 

In het onderzoek dat ik toen uitvoerde vroeg ik Aluchemie naar de strategische toeleverancier en logistieke dienstverlener. Voor Aluchemie was het in Uithoorn gevestigde bedrijf Cindu de strategische toeleverancier van steenkoolteerpek. Cindu kreeg zijn grondstof uit de hoogovens in IJmuiden. Cindu sloot in 2014. Strategische logistieke dienstverlener was Gans Transport – nu Gans Cargo Operations, in 2010 opgegaan in Hudig & Veder. Gans was toen in handen van het Amerikaanse bedrijf Aimcor, een handelaar in petroleumcokes; de andere belangrijke grondstof voor de productie van anodes.

Sinds de Russische inval in Oekraïne ligt 50 procent van de Europese aluminiumproductie stil door de hoge energieprijzen. Hier in Nederland ging aluminiumsmelter Aldel failliet, voorheen afnemer van de anoden van Aluchemie. Het is de vraag of Aluchemie, mocht het toch niet zijn gesloten, deze crisis zou hebben doorstaan.

Wat resteert is een site van 26 hectare, gelegen op een unieke, kadegebonden locatie in de haven. Een haven die in ruimtenood verkeert en grote ambities heeft op het gebied van energie- en grondstoffentransities. Elektrolyse is één van de nieuwe toverwoorden van de haven en tegelijkertijd met de ontmanteling van Aluchemie wordt dertig kilometer verderop op de Maasvlakte door Shell een electrolyzer voor de productie van waterstof gebouwd. Een nieuw icoon voor de haven. En ook is sprake van vijf nieuwe ‘greenfield’ investeringen in de ‘nieuwe’ circulaire economie.

Dit proces van bedrijfsbeëindiging en -vernieuwing is een gezonde ontwikkeling. Sluiting is voor direct betrokkenen triest, maar in een vitaal cluster zijn deze vaak ervaren en gemotiveerde werknemers weer snel aan het werk – wat inmiddels ook gebeurd is voor vrijwel alle werknemers van Aluchemie. Nieuwe bedrijven, drijvend op nieuwe technologie, zijn de motor van een vitaal industrieel ecosysteem. Dit kan niet anders dan samengaan met af en toe een bedrijfssluiting.