Ammoniak? Te gevaarlijk, te duur, aflopende zaak, zit geen toekomst in. Dat was een paar decennia geleden de tendens in Nederland. Richtlijnen voor productie, opslag en handling werden daardoor nauwelijks vernieuwd. Al die tijd bleef Proton Ventures Engineering echter geloven in ammoniak als energiedrager. Inmiddels lijkt oprichter Hans Vrijenhoef gelijk te krijgen.
Tekst: Kim de Booij
Hoewel de energietransitie 25 jaar geleden nog maar amper onderwerp van gesprek was, zag Hans Vrijenhoef, oprichter van Proton Ventures, ammoniak toen al als een ideale, koolstofvrije, praktische energiedrager om grote hoeveelheden duurzame energie op te slaan en te vervoeren naar plekken waar die nodig is.
Vrijenhoef werkte voor die tijd bij kunstmestfabrikant Kemira. Na de sluiting van de ammoniakfabriek van dit bedrijf in 2000 onderzocht Vrijenhoef hoe de locatie opnieuw kon worden gebruikt. Het eerste plan was om geïmporteerde ammoniak, onder meer uit Rusland, te kraken tot waterstof. “Die waterstof kon via bestaande infrastructuur naar Beverwijk en vervolgens aan het aardgasnet worden toegevoegd. De NAM steunde het idee en sprak in NRC over vergroening van gas. Helaas ging het plan niet door wegens gebrek aan subsidie.”
Plan B was melamineproductie op basis van geïmporteerde ammoniak en CO2 uit raffinaderijen in de Europoort. “Melamine wordt onder meer gebruikt in laminaatvloeren, coatings, lijmen en kunststoffen. Ook dit plan strandde, ondanks steun van investeerders, door strengere regelgeving en hogere kosten na de vuurwerkramp in Enschede en later 9/11.”
Wat wel lukte, was het behoud en de herstart van de ammoniakterminal. “Na zes jaar operatie verkochten we de terminal in 2010 aan OCI Terminals, die hem gebruikte om de aanvoer vanuit Geleen te balanceren en de terminal later verkocht aan AGROFERT. Met Proton Ventures richtten we ons sindsdien wereldwijd op advies, engineering en projectmanagement rond ammoniak. De terminal werd ons visitekaartje. Klanten wilden weten hoe vergelijkbare installaties veilig konden worden ontworpen en geëxploiteerd.”
De eerste worldscale ammoniakterminal in Estland volgde in 2010, met een tweede terminal in 2018; beide werden op tijd en onder budget gebouwd. Daarnaast bouwde Proton Ventures in 2013 en 2021 twee tanks in Bulgarije.

Aan ervaring dus geen gebruik. En nu de energietransitie richting ammoniak beweegt, groeit de vraag naar die expertise snel. “Omdat ammoniak lang als afgeschreven product gold, is kennis schaars. Proton Ventures heeft juist ervaring met de hele keten: van duurzame energie naar ammoniak, opslag en transport, tot kraken naar waterstof of directe inzet als energiedrager.”
Naast expertise, was er ook nood aan regelgeving. “Door de verwachte groei van ammoniakstromen door Nederland, vooral door bevolkte gebieden, moest PGS 12 in 2023 worden geactualiseerd”, legt Vrijenhoef uit. PGS 12 is de nationale richtlijn voor het veilig ontwerpen, bedrijven, transporteren en opslaan van vloeibare ammoniak.
Toen VOTOB, de Vereniging van Nederlandse Tankopslagbedrijven, aan deze nieuwe richtlijn meewerkte, vroeg zij Proton Ventures om engineeringadvies. “Dat vond ik wel een eer”, zegt Vrijenhoef. “Ze vroegen ons vanwege onze ketenervaring. Belangrijk bij dit soort regelgeving is namelijk dat het steunt op bewezen technologie. Dat bewijs ligt er al in landen als de Verenigde Staten, Canada, Brazilië, Japan en Korea, waar ammoniak al veel langer gemeengoed is en wij actief zijn.”
De impact van ammoniakregelgeving en vergunningverlening verschilt per land. In Nederland is de richtlijn met de industrie opgesteld. Volgens Vrijenhoef moet de overheid zich erachter scharen en niet per project extra eisen stellen. “Een heldere richtlijn creëert een gelijk speelveld voor investeerders. Voldoe je aan de richtlijn, dan moet vergunningverlening sneller kunnen. Zo versnellen we de energietransitie.”
Is de overheid dan toch nog huiverig voor risico’s? “Het risico van ammoniak wordt vaak overschat. Ammoniak is als gas lichter dan lucht en stijgt langzaam op. Als vloeistof verdampt het geleidelijk. Het voordeel is: het kan met waterkanonnen of sprinklers worden neergeslagen omdat het goed oplost in water. Daarnaast is ammoniak minder gevoelig voor ontsteking en explosie dan bijvoorbeeld waterstof, methanol of ethanol. De sterke geur is eveneens een veiligheidsvoordeel: mensen ruiken ammoniak al bij lage, niet direct gevaarlijke concentraties.”
Voor transport zal de ontwikkeling waarschijnlijk richting gekoeld vervoer gaan, of via ondergrondse buisleidingen onder druk. Welke optie het beste is, vraagt per project om analyse. De kern blijft volgens Vrijenhoef hetzelfde: ammoniak vereist kennis, discipline en duidelijke regels. De nieuwste PGS 12 biedt daarvoor volgens hem de belangrijkste antwoorden.
Een van de meest opvallende wijzigingen in PGS 12: 2025 versie 1.1 is de driedubbele tankuitvoering voor grote ammoniakopslagtanks. Een extra betonnen wand moet het risico op lekkage door externe impact, bijvoorbeeld een klein vliegtuig of drone, verder verkleinen.
Van oudsher zijn er installaties waarbij ammoniak onder druk wordt opgeslagen. Inmiddels geldt gekoelde opslag bij -33°C vaak als veiliger. Installaties die nog op drukopslag zijn gebaseerd, moeten bij aanpassing of revisie volgens PGS 12 goede argumenten hebben om dat systeem te handhaven.
