In alle vroegte, het is 7.06 uur, vertrekken we naar Leipzig. Mijn gemoed is als de regenboog die boven Winsum staat als gevolg van de ochtendzon die een depressie kruist. Wat is er met me aan de hand dat ik verlang naar een drie uur durend klassiek oratorium, zittend op de keiharde kerkbanken van de Thomaskirche in Leipzig? In die kathedraal van de klassieke muziek.

Harm Post

Toen ik jong was had ik er niets mee, met die Johann Sebastiaan Bach. Ik wilde onbekommerd de wereld bestormen onder aanvoering van muziek van the Rolling Stones en Jefferson Airplane. Niet drie uur nadenken over mijn keuzes in het leven. Over alles wat je overkomen is. Of wat onbereikbaar bleek. Toen ik jong was, had ik geen behoefte aan contemplatie. Nu ik zestig ben wel. Nu is het goed voor mijn onrustige ADHD-geest.

De Mattheüs Passion mag dan over de doodsstrijd van Jezus gaan, onze reis er naartoe is bepaald geen lijdensweg. De bus van reisbureau Lanting is zo nieuw dat chauffeur Henk na driehonderd meter terug moet naar de garage. De bus, een semi-automaat is het, schakelt niet. Gastheer Bert van der Haar zorgt ervoor dat onze rit naar de dodenmis comfortabel verloopt. Hij vertelt, nee stort zijn kennis over ons uit. Weetjes, feiten, vrije interpretaties. Over dat er vroeger een echte haan in de kerk was. Die werd geknepen nadat Jezus voor de derde keer was verraden. Verhalen over momenten van totale devotie en gewijde stilte. Voordat we het goed en wel in de gaten hebben, rijden we over de ‘Via Regia’ en de ‘Via Imperi’ de handelarenstad Leipzig binnen.

In de Thomaskirche heeft elke vierkante meter een stoel. Zestienhonderd man zijn er. Het is uitverkocht op deze Goede Vrijdag. Ik kijk naar de harde houten bank die mijn gesel wordt de komende drie uur. Het is een sobere kerk. Witte muren met ossenbloedrode gebinten. Een prachtige predikantengalerij, met voorgangerportretten vanaf de vijftiende eeuw, omringt het graf van Bach. Twee orgels heeft de kerk. Boven de koren, naast het orkest achter in de kerk, zit een heel modern glas-in-loodraam. De avondzon valt er precies doorheen en veroorzaakt een gewijde sfeer.

Zit in de linker zijbeuk, opgesloten tussen Anneke en een reusachtige pilaar. Voor ons een klein houten beeldje van Jezus aan het kruis. Verbouwereerd constateer ik dat niemand van het publiek naar het orkest en de koren toe zit. “In de Luthers Evangelische kerk komt de muziek van achteren over je heen”, legt een reisgenoot me uit. “Je mag niet omkijken. Je wendt je af van de wereld om je te concentreren op God, de muziek en lijdensweg van Jezus.”

Je wordt door de setting compleet op jezelf teruggeworpen. In je hoofd vechten je eigen gedachten om een plekje met het klassieke verhaal van onze westerse, christelijke beschaving. De muziek wint. Want je kunt met zang en muziek het oppakken van Jezus spelen. Je kunt met lange halen het kippenvel op mijn huid zingen als Petrus ‘heraus ging und bitterlich weinete’, nadat hij voor de derde keer ontkent heeft Jezus te kennen en de haan hoort kraaien. En je kunt als koor, eerst zacht en dan uit volle borst, de tranen in mijn ogen zingen met:

“Erbarme dich,

Mein Gott, um meiner Zähren willen!

Schaue hier,

Herz und Auge weint vor dir
 Bitterlich.”

Als Jezus dan gestorven is aan het kruis en de aarde donker wordt en beeft, hoor je de kelen van het koor het voorhangsel in de tempel scheuren, magistraal uit volle borst de slotzang inzettend:

“Wir setzen uns mit Tränen nieder

Und rufen dir im Graben zu:

Ruhe sanfte, sanfte ruh!

Ruht, ihr ausgesognen Glieder!

Euer Grab und Leichenstein

Soll dem ängstlichen Gewissen

Ein bequemes Ruhekissen

Und der Seelen Ruhstatt sein.

Höchst vergnügt schlummern da die
 Augen ein.”

Dan klapt niemand na afloop, blijft iedereen minutenlang doodstil zitten en loopt zonder een woord uit te kunnen brengen geëmotioneerd naar de uitgang. Langs het standbeeld van Felix Mendelsohn Bartoli buiten voor de Thomaskirche. Met dat rake citaat: “Edles nur Künde die Sprache der Töne”. Zo geraakt ben je, dat je pas na een kwartier in de bus begint te praten met elkaar. Fluisterend.

Door Harm Post, directeur Groningen Seaports