Voor onze zuiderburen zijn mooie tijden aangebroken: na het wereldrecord kabinetsformatie (535 dagen in 2010/11) hebben ze nu twee jaar eenzelfde regering; ze gaan straks naar het WK in Brazilië én hun havenstad Antwerpen ontvangt de ene containerreus na het andere. Alsof er geen Rotterdam bestaat en er geen zandplaten, schorren, slikken of andere drempels meer liggen in de Westerschelde.

Door Jaap Luikenaar

De drie Schelde-verdiepingen van de afgelopen decennia lijken zich eindelijk te gaan uitbetalen. Het grootste containerschip ter wereld, de Mary Maersk – goed voor achttienduizend TEU, nam begin vorige maand heel soepeltjes de beruchte Bocht van Bath, en meerde niet veel later af aan de Antwerpse kade. En als één Maersk over de dam is… Inderdaad, want niet veel later laveerde ook ‘zusje’ Evelyn Maersk (ruim 15.500 TEU) door de Westerschelde om even later aan te leggen in het Deurganckdok op de linker Schelde-oever (en daags daarna de nog kleinere Christine van ruim zevenduizend TEU).

De verdere verdieping kan daarmee nu mooi de prullenbak in. Zo’n vierde uitdieping werd al in 2010 door Vlaamse havenbestuurders aangezwengeld, nog voor de laatste baggerschepen hun werkzaamheden in het kader van de zo zwaar bediscussieerde dérde uitdieping hadden afgerond. De Westerschelde als salamiworst waar steeds maar weer een plakje vanaf wordt gesneden. Wat een tactiek. En behalve op goed nabuurschap, alleen maar gestoeld op het eeuwenoude Belgisch-Nederlandse Scheidingsverdrag (uit 1839, mind you). Daarin is destijds een afspraak gemaakt over het waarborgen van een ‘vrije toegang’, die nu wordt geïnterpreteerd op een manier die absoluut niet meer van deze tijd is. Met alle gevolgen van dien voor het Schelde-estuarium (de Hedwigepolder incluis).

Misschien is de Maersk-manie een mooi moment om de uitdieping voortaan anders te gaan benaderen. Werkelijke ‘uitdieping’ van het nabuurschap betekent dat Rotterdam en Antwerpen nu als volwassen Europese mainports (en dus niet als lokale havensteden) gaan werken aan gezamenlijke kansen in Europees verband. Een mooie aanzet daartoe zou hebben kunnen plaatsvinden tijdens de recente ontmoeting van Rotterdamse ondernemers en bestuurders én premier Mark Rutte met de Europese Commissie. Volgens het achteraf-persbericht stond daar de vraag centraal ‘in hoeverre het Rotterdamse haven- en industrieel complex bijdraagt aan de Europese concurrentiepositie en hoe kan Europa Rotterdam versterken?… Rotterdam als Europees import- en exportcentrum’. De ontmoeting vond nota bene plaats in Brussel – dertig kilometer van Antwerpen. De combinatie van ‘Anterdam en Rotwerpen’ als ijzersterke asset bij de rol die Europa wil blijven spelen in de wereldhandel. Gelukkig ligt het in de bedoeling jaarlijks zo een bijeenkomst met EU-politici, beleidsmakers en -beïnvloeders te organiseren, dus wie weet.

De Mary Maersk en haar zusje mogen dan een kijkje bij de zuiderburen hebben genomen, ongeveer tegelijkertijd kreeg Rotterdam de versierselen opgespeld die behoren bij de uitverkiezing tot ‘Port of the Year’. Dat gebeurde tijdens het jaarlijkse ‘Containerisation International Awards’-festival in Londen. De jury prees onze haven voor de vele miljoenen die we investeren in de logistieke hub en het industriële complex, evenals de grote aandacht voor duurzaamheid en de modal shift. Vermeldenswaard is dat APM Terminals op hetzelfde feestje (dat wordt gesponsord door dochter Maersk!) werd uitgeroepen tot beste terminaloperator ter wereld. En dat terwijl tegelijkertijd op de overslagterminal van hetzelfde APMT op de Maasvlakte flink en ‘wild’ wordt gestaakt voor een betere cao van het havenpersoneel. En laat nou net die staking de reden zijn geweest dat ‘Mary’ en ‘Evelyn’ ervoor kozen om uit te wijken naar de Antwerpse terminal en niet naar de Maasvlakte, zoals aanvankelijk de bedoeling was.

Een éénmalig bezoekje dus, als second-best oplossing? Dat is nog maar de vraag. Want Maersk is een van de drie grote rederijen in het onlangs samen met MSC en CMA CGM opgerichte P3-Network. De drie maakten bekend volgend jaar acht gezamenlijke diensten tussen het Verre Oosten en Noord-Europa te gaan exploiteren. Antwerpen krijgt daarbij een flink groter ladingpakket dan voorheen. Dat gaat ten koste van Rotterdam (en ook die andere concurrent, Zeebrugge).

Niet vreemd dus dat de Scheldestad de beide Maersks als koningen (of beter: koninginnen) heeft binnengehaald. Havenbestuurder Marc van Peel stond – echt waar – met een doosje smakelijk Belgische pralines op de kade, als cadeautje voor de kapitein.

Al eerder stond havenschepen Van Peel op de kade. Dat was vorig jaar, voor een verkiezingsspotje waarin hij onder het motto ‘Duwkracht voor Antwerpen’ een Hollander met een opvallend Rotterdams accent de Schelde in duwt. Kijk eens naar dit filmpje op YouTube en concludeer: meer samenwerken móet en tegelijk kan concurrentie ook heel vermakelijk zijn.