Als Minister-president Rutte woord houdt, zal Prinsjesdag dit jaar een dag zijn voor rechts Nederland om vele vingers bij af te likken. Want dat was het motto dat hij deze coalitie van zijn VVD en Verhagens’ CDA, met steun van Wilders’ PVV, meegaf, toen hij eindelijk de door hem gewenste regeringscombinatie mocht vormen. Veel Nederlanders zagen wel wat in een rechts kabinet en zorgden er bij de verkiezingen voor dat er een coalitie van PVVD en CDA kon komen. Maar veel stemmers op het CDA verwachtten en wensten niet dat hun partij met de PVV zou gaan samenwerken om een regering onder leiding van VVD-er Rutte tot stand te laten komen. De dringende behoefte bij prominente CDA politici om als minister of staatssecretaris door het leven te gaan, zorgt ervoor dat het CDA de regering toch blijft steunen. Ze creëren daarmee tegelijkertijd ruimte in de Tweede Kamer voor minder prominente CDA’ers, die daarom extra loyaal zullen zijn naar CDA bewindslieden. Dit soort mechanismes zorgen ervoor dat veel CDA parlementariërs hun eigen carrièrebelang laten prevaleren boven het belang van hun kiezers en andere burgers. Dat baantjesjagersgedrag zie je ook bij andere partijen, als die kans hebben op regeringsdeelname.

 

Veel andere Nederlanders moesten niets hebben van een rechtse regering en kozen voor andere, meestal progressieve en linkse partijen. Maar in een democratie beslist de meerderheid, ook al is dat in de huidige Tweede Kamer slechts een meerderheid van één stem van de 150. Dat in een goed werkende democratie ook rekening moet worden gehouden met de minderheid van de bevolking en zeker als die door bijna de helft van de Tweede Kamer wordt vertegenwoordigd, zijn PVVD en CDA vergeten. De fractiediscipline is zo groot dat Tweede Kamerleden, die het soms privé wél eens zijn met de oppositie, toch tegen hun voorstellen stemmen. Met name bij bezuinigingen in de zorg. Het is wrang om te zien dat sommige CDA Kamerleden hun idealen verkwanselen en vooral zorgen voor het in standhouden van de regering en niet voor kwetsbare mensen. Ze zijn zelfs bereid om de werkelijkheid en feiten te negeren, omdat ze de fractiediscipline niet durven te weerstaan. Voor hun voorstellen tot kleine aanpassingen van het regeringsbeleid hebben ze vóór de indiening ervan al het groene licht van ‘hun’ bewindslieden gekregen. Zo kunnen ze naar de buitenwereld en hun kiezers doen alsof zij wél wat voor elkaar hebben gekregen en de oppositie niets. In vergelijkbare situaties doen andere partijen hetzelfde als ze in de regering zitten. Zo werkt de politiek als je in coalities moet samenwerken.

 

De presentatie op Prinsjesdag van de plannen van de regering voor het komende parlementair jaar zal wel niet zoveel verschillen van wat in eerdere debatten door bewindslieden gepresenteerd is. De bezuinigingen op defensie zullen wel wat verzacht worden, om de VVD en CDA fracties iets te gunnen. Ze kunnen dat dan als een groot succes verkopen aan hun achterban. De maximum snelheid zal wel weer ergens omhoog gaan, om de  machoparlementariërs van de VVD tegemoet te komen. We zullen zeker een mooi pr-verhaal krijgen over het fantastisch economisch en sociaalbeleid van deze regering, terwijl we weten dat veel belangrijker is wat de Duitse regering doet, omdat we veel meer afhankelijk van zijn van de Duitse economie dan van wat Den Haag zou willen maar niet kan.

 

Ik vrees het meest voor een verdere verminking van met name de langdurige zorg voor mensen met een beperking. Het heeft een kleine honderd jaar geduurd voor stap voor stap in Nederland een redelijk goede basiszorg voor alle mensen met een verstandelijke beperking tot stand kwam. Ooit waren er de grote charitatieve instellingen waar ‘gekken en idioten’, zoals ze toen nog werden genoemd, samen met ‘kreupelen, landlopers en misdadigers’ in grote zalen samen werden opgeborgen. Het voorlopige eindstation van al die verbeteringen was het wettelijk recht op langdurige zorg op basis van individuele zorgbehoeftes en het persoonsgebonden budget, waarmee mensen met een beperking de regie over hun eigen leven (terug)krijgen. Dat zijn kroonjuwelen van onze welvaartstaat. Deze regering gaat die kroonjuwelen zwaar verminken. Ze kiest voor bezuinigingen waar de meest kwetsbare mensen de dupe van worden. Ze doet dat nota bene samen met soms overenthousiaste lokale wethouders en gemeenteraadsleden van partijen, die landelijk tegen datzelfde beleid oppositie voeren en er geen goed woord voor overhebben. Het lijkt erop dat die lokale wethouders en gemeenteraadsleden hun vingers ook willen aflikken.