In Hoek van Holland is vorige week het vernieuwde werkprogramma Zeehavens ondertekend. De vijf Nederlandse zeehavens, het havenbedrijfsleven en de minister van Infrastructuur en Waterstaat zetten hun handtekening eronder.

De volgende havens nemen deel aan het werkprogramma: Rotterdam, Amsterdam, Groningen, Moerdijk en Zeeland. De partijen spreken af de komende drie jaar te werken aan het versterken van de havencomplexen. Zij zetten zich in voor een gelijk speelveld tussen de Europese havens, een gunstig vestigingsklimaat, goede bereikbaarheid, ontwikkelingsruimte en de energietransitie. Zo beloven de havens CO2 te gaan afvangen en opslaan, en het benutten van restwarmte uit te breiden.

Samen aan de slag

Ronald Paul, voorzitter van de Branche Organisatie Zeehavens (BOZ), wijst erop dat de overheid sommige taken niet zelf kan oppakken. “Andere taken kunnen marktpartijen goed uitvoeren. Maar er zijn ook taken waarbij we samen aan de slag moeten om succesvol te kunnen zijn. In het werkprogramma hebben we de prioriteiten benoemd die een gezamenlijke aanpak van private en publieke partners vergen.”

Gelijk speelveld

Het document dat is ondertekend, is een vervolg op het eerste werkprogramma Zeehavens. Volgens de deelnemers heeft dit goede resultaten opgeleverd, zoals het verkrijgen van cofinanciering van Europa voor Nederlandse havenprojecten, en het op de politieke agenda krijgen van het belang van een gelijk speelveld voor zeehavens. Deltalinqs maakt zich hard voor ‘een voortvarende uitvoering’ van afspraken over een gelijk speelveld uit het Regeerakkoord. Een voorbeeld hiervan is het herzien van kosten van publieke investeringen door havenbeheerders.

Werkprogramma Zeehavens

Bas Janssen, directeur Deltalinqs, vindt dat het doorberekenen van inspectielasten aan het bedrijfsleven moet worden beperkt. “Ook het gebruikstarief van het spoornet moet in lijn met de buurlanden worden gebracht. Tijdig investeren in voldoende capaciteit voor het versterken van bereikbaarheid is een must. Ook verwachten we van de overheid meer beleidsinzet en allocatie van middelen om de gezamenlijke klimaatdoelen te halen.”

De ondertekenaars roepen de minister van Infrastructuur en Waterstaat op om eenzijdige, nationale beleidswijzigingen te voorkomen. De Nederlandse zeehavens zijn van groot economisch belang voor Nederland, stellen zij, met een totale toegevoegde waarde van 41.2 mld. euro en een werkgelegenheid van 357.675 banen.

Zie ook: Groeiende overslag in alle havens