dwangsom

DCMR Milieudienst Rijnmond heeft het in Gorinchem gevestigde tankopslagbedrijf Merwetank een dwangsom opgelegd. Ook wordt een strafrechterlijk onderzoek gestart.

Merwetank viel tot vorig jaar onder de BRZO-plicht. Om hier niet meer onder te vallen, vroeg het een vergunning aan om niet meer dan 50 ton mierenzuur-94% te mogen opslaan. Dit is een grenswaarde, waardoor het niet meer onder het strenge veiligheidsregime van het BRZO valt. Het bedrijf ontving deze vergunning. Mierenzuur-94% is een bijtende substantie, die onherstelbare beschadigingen kan veroorzaken.

Papier en praktijk

Uit een inspectie kwam echter naar voren dat het tankopslagbedrijf geen 50, maar 70 ton mierenzuur-94% had opgeslagen. Niet alleen overschreed het de limiet van de vergunning, ook bleek er geen technische maatregel getroffen om de grenswaarden te bewaken. Volgens de DCMR viel Merwetank op papier dus niet meer onder het BRZO-regime, terwijl het in de praktijk dus wel BRZO-plichtig is.

Dwangsom

DCMR legt het bedrijf daarom namens de provincie een dwangsom op, die het moet betalen als het de twee overtredingen niet ongedaan weet te maken. Ook wordt er een strafrechterlijk onderzoek naar Merwetank gestart. De milieudienst heeft aangifte gedaan ‘omdat het vermoeden bestaat van het bewust manipuleren en het overtreden van het BRZO’.

Zie ook: Olieoverschot vergroot vraag naar tankopslagcapaciteit