Financieel gezien gaat het goed met Nederland. We zijn rijker dan ooit. Overheidsuitgaven zijn nog nooit zo hoog geweest. Het koffertje van minister Hoekstra van Financiën leek op de Derde Dinsdag van september uit te puilen toen hij zijn begroting en de miljoenennota aan de Tweede Kamer aanbood.

Door Jaap Luikenaar

Het leek wel of niet alle miljarden euro’s erin pasten: er is sprake van een flink begrotingsoverschot. Al jaren. Anders gezegd: er komen miljarden meer euro’s binnen dan we uitgeven. (Voor een goed begrip: die ‘we’, dat is de overheid.) Dat is vooral het gevolg van onze open economie. We zijn sinds mensenheugenis een land dat handel drijft. Niet alleen met landen om ons heen, maar met de hele wereld. Onze Rotterdamse haven is daarvan het beste bewijs en tegelijkertijd ook grote veroorzaker.

Geen slecht idee dus van het kabinet om met dat overschot wat te gaan doen. Sterker nog, nu de rente zo extreem laag is wil de overheid zelfs extra geld lenen om onze open economie te versterken. Via een miljardenfonds voor meer, betere en innovatieve infrastructuur bijvoorbeeld. ‘Maar waarom geld in asfalt en spoorijzer steken? Geef het liever aan de leraren die onze kinderen met veel liefde, maar met ondermaatse salarissen moeten klaarstomen voor de maatschappij?’, zo viel overal in het land te horen. Volgens economen levert dat laatste vooral ‘maatschappelijk rendement’ op en is daar niet direct het zogenaamde ‘verdienmodel’ van Nederland mee gediend. En dat gebeurt wel als de overheid Grote Projecten (met hoofdletter) als Schiphol in Zee, of snellere spoorverbindingen met Engeland of Duitsland ‘faciliteert’. Of, zoals Rijkswaterstaat het noemt, investeert in het verjongen, vernieuwen en verduurzamen van onze infrastructuur.

Een overheid die de markt weer opgaat? Zijn we het verleden dan vergeten? Hebben we niets geleerd van de geldverslindende pogingen om Fokker destijds in leven te houden, of – om dichter bij Rotterdam te blijven – de steun aan RSV in de jaren zeventig? Een ingreep die uitmondde in het failliet van de scheepsbouw en vele duizenden havenwerkers op straat. Ook de aanleg van de Betuweroute wordt vaak genoemd als ’mislukt’ overheidsproject. Mijn inziens ten onrechte. Ja, er rijden nu dagelijks 110 in plaats van de geraamde 160 treinen. En ja, de Bundesbahn blijft achter met de vlotte (bredere) aansluiting van de Betuweroute op het Duitse spoornet. Maar tegelijkertijd is er het nieuws dat we binnenkort met 740(!) meter lange treinen mogen gaan rijden. Hoeveel trucks – en dús uitstoot en dús stikstof – scheelt dat wel niet op de snelweg.

Terug naar de overheid als aanlegger van infra. Bijzonder is dat in dat kritische rijtje een nog tamelijk recent Groot Project – de aanleg van de Tweede Maasvlakte – niet genoemd kan worden. Want dat is er nu juist een voorbeeld van dat de overheid het wél kan en hoe het voortaan in de toekomst ook moet. Zowel het besluitvormingstraject als ook het innovatieve uitvoeringstraject zijn destijds vrijwel geruisloos verlopen. Geen spandoeken, handtekeningenacties of demonstraties. Wel een grote, eensgezinde coalitie, inclusief natuur- en milieubeweging die de aanleg ondersteunt.

Wat bij toekomstige infraprojecten grote aandacht vraagt is de personele kant. Met het oog op de krappe arbeidsmarkt, met nauwelijks werkloosheid, is het zaak om ook de huidige werkers aan bouwend Nederland te faciliteren door te investeren in kennis. Zeker ook de oudere. Het is eigenlijk iets wat de hele arbeidsmarkt aangaat. Want door nu vanuit dat miljardenfonds écht eens te investeren en invulling te geven aan een Leven Lang Leren (met hoofdletters) kunnen we met onze ‘open economie’ ook koploper worden op het gebied van een duurzame en inclusieve economie. We kunnen dan een land worden dat geen grondstoffen verspilt, en ook geen talent. En als investeren in meer kennis voor werkenden impliceert dat er meer leraren moeten komen en daarvoor de salarissen omhoog moeten, dan levert dat niet alleen maatschappelijk rendement op, maar draagt dat tegelijk ook bij aan het verdienmodel van Nederland. 

Een miljardenfonds met een dubbele doelstelling dus.