Het was een vreemde ervaring om op de BBC-site foto’s te zien van -mijn eigen- winkelstraat in Londen, waarin plunderaars begin augustus te keer waren gegaan. Elf jaar had ik daar met plezier m’n dagelijkse boodschappen gedaan. Nu zag ik winkels waar vandalen -verscholen onder capuchons- met stenen, stokken en soms vuurwapens uitgerust en misschien wel onder de invloed van drugs, alles kort en klein hadden geslagen en zoveel spullen als ze konden dragen, hadden mee gejat. Video’s van Croydon, een voorstad van Londen, toonden een nog veel dramatischer beeld van brandende winkels en huizen. Elders veranderden de plunderaars zelfs in moordenaars.

 

Deskundigen buitelden over elkaar heen om te verklaren wat de oorzaak van de rellen, plunderingen en verwoestingen was. En politici wisten ook weer erg goed wat vooral de andere partij niet goed had gedaan. De conservatieve Ministerpresident gaf de dag na de eerste plunderingen een speech voor zijn ambtswoning. Ik zag dat live op TV. In het begin leek het erop dat hij niet alleen de plunderaars verantwoordelijk stelde voor de chaos, maar ook de graaiende bankiers, de omkopende media en de steeds corruptere politici, zijn eigen elite, aansprak op hun verantwoordelijkheid. Hij leek hen te verwijten de afgelopen decennia een samenleving te hebben laten ontstaan waarin grote groepen mensen werden afgeschreven en aan hun lot overgelaten. Sociale exclusie in vakjargon. Maar een paar zinnen verder bleek PM Cameron vooral zijn flinkheid en doortastendheid aan de kiezers te willen laten zien door harde, korte termijn maatregelen alleen gericht op de plunderende jongeren aan te kondigen. De oppositie wilde wat verder kijken en gebruikte de gewelddadige revolte van het afgeschreven deel van de samenleving, om het volk te laten geloven dat zij meer dan met tegengeweld alleen een oplossing zou willen bieden. Als ze zelf aan de macht zou zijn natuurlijk. Maar het was niet overtuigend genoeg om op korte termijn de bedreigde en aangevallen winkeliers enig gevoel van bescherming te bieden. Dat een deel van de plunderaars geboren, opgegroeid en gevormd is tijdens de dertien jaar dat de Labour aan het bewind was, maakt het er voor die partij, nu in de oppositie, niet makkelijker op geloofwaardig te zijn.

 

Veel politici toonden zich verrast door de revolte. Dat bewijst dat ze steeds meer geïsoleerd van de samenleving functioneren. De zorgvuldig voorbereide traditionele weekendcontacten met hun eigen achterban -om de steun van de smaakmakers in die achterban te behouden- en de op publiciteit gerichte werkbezoeken, brengen de politici niet echt in contact met de werkelijkheid. En zeker niet met de als een kankergezwel groeiende onderwereld van afgedankten en volgens onze kapitalistische normen ‘nietsnutten en profiteurs’. Op de TV hebben we het gewetenloze en criminele optreden van plunderaars kunnen zien. In een opwelling zou je er bijna voorstander van lijfstraffen door worden. Mijn indruk is dat onder die afgedankten ook zwakbegaafde mensen zitten die in Engeland nergens fatsoenlijk terecht kunnen voor zorg en begeleiding en zo op straat belanden. In de stadsjungle waarin ook het onderling geweld schrikbarend toeneemt en waarin groepsrespect alleen bestaat voor de meest brute en egoïstisch optredende jeugdgangsters, hebben de politici al helemaal geen contacten. Je hoeft alleen maar door de sombere, vervallen oude volksbuurten te lopen en je ogen goed open te houden om te zien dat de stadsjungle aan het groeien is. Het toenemend aantal moorden op jonge weerloze kinderen is een ander signaal dat zich dramatisch aan het ontwikkelen is. Maar de politici maken zich vooral druk over hun eigen gelijk, hun eigen verkiezing en hun eigen soort samenleving waarin ze miljarden moeten besteden aan het voorkomen dat de pilaren van die samenleving, de grote banken, failliet gaan. Want dan stort ónze ‘beschaafde’ wereld in. Voor de stadsjungle maakt dat geen verschil meer. Daar hebben ze al hun eigen normen en waarden.

 

Of de revolte van ‘untermenschen’ van de Engelse stadsjungles een wake up call is geweest, zal pas in de toekomst duidelijk worden. Voorlopig moeten we het doen met veel mooie woorden van de bestuurlijke elite. Dat Engeland een groot sociaal probleem heeft, durft geen politicus te bestrijden. De meningen over de aard en oorzaak en de te nemen maatregelen verschillen. Maar als er geen fundamentele aanpak komt en de sociale exclusie nog meer mensen gaat treffen, zal de volgende revolte nog omvangrijker en heftiger zijn.