Ik hoop dat u het allemaal al weet: Huntsman kiest voor kennis en innovatie in Plant One. Mooie veelbelovende volzin, deze titel van het persbericht dat Huntsman en Plant One uit lieten gaan over een innovatie van Huntsman die getest wordt bij Plant One. Maar wat gaat er allemaal aan zo’n persbericht vooraf? Hoeveel water gaat er door de Maas voordat alle handtekeningen onder het contract gezet zijn? Ik kan u melden: heel veel. Al een tijd was ik met Huntsman in gesprek over hun pilot voor het testen van nieuwe katalysatoren, die in potentie een enorme bijdrage kan leveren aan energiezuinig produceren van chemicaliën. Een project met een miljoeneninvestering voor de Huntsman Corporation, waarvan het een tijd onzeker was of die wel doorgezet zou worden. Want naast de grote investering in de hardware, was er nog een vergelijkbaar bedrag nodig om de installatie gedurende twee jaar te laten draaien en te testen.

Een veelbelovende innovatie, maar wel een met een nog onzekere uitkomst en die pas over een aantal jaren echt in fabrieken inzetbaar zal zijn. Dan blijkt dus dat dit soort innovaties ook bij grote, kapitaalkrachtige concerns heel moeilijk door de ‘valley of death’ kunnen komen. Dit is de beruchte periode die ligt tussen prachtige resultaten in research laboratoria en commercialiseren van deze nieuwe ontwikkelingen. Helaas stranden daar heel veel innovaties, of ze komen niet eens in de buurt om een poging te wagen er succesvol doorheen te komen.

En dat laatste dreigde ook voor dit project… stranden voordat er op industriële schaal getest zou worden. Hoe dit te doorbreken, wat kan helpen om bedrijven en andere instellingen te bewegen om grote investeringen te doen in innovaties? Een interessant traject, waar de sleutel bleek te liggen in het openbreken van het gesloten karakter van de oorspronkelijke testopzet. Open innoveren, spannend, maar mogelijk. De installatie is technisch gezien zeer geschikt voor het testen van verschillende katalysatoren, maar dat was niet het oorspronkelijke plan. Maar toen eenmaal de deur op een kier stond en de pilotinstallatie ook beschikbaar gesteld werd voor andere partijen, werd ook de interesse van de Topsector Energie gewekt. Door het nieuwe, open karakter dragen ook het Havenbedrijf, TNO en het ISPT, Institute for Sustainable Process Technology (uitvoeringsorgaan van enkele TKI’s (Topconsortia voor Kennis en Innovatie) van de topsectoren Energie en Chemie) bij aan deze innovatie. En vooral de bijdrage vanuit de Topsector Energie, tekenend voor het huidige innovatieklimaat in Nederland, heeft ervoor gezorgd dat deze installatie in Nederland getest gaat worden en niet in de Verenigde Staten. Daar mogen we best trots op zijn! En dan komt hij ook nog op een geweldige locatie te staan, als ik zo onbescheiden mag zijn, bij Plant One in de Botlek, dé plek waar innovaties in procestechnologie getest kunnen worden.