De kop boven deze column is er dit keer eentje die ongetwijfeld vraagtekens oproept. En tegelijk is het een uitdrukking die voor veel lezers aangeeft wat hun verhouding met de haven is. Want wie in de Rotterdamse haven werkt, is 24/7 ‘onport’. Je bent er dag en nacht mee bezig. De haven zit in je kop en laat je niet los. Je staat ermee op en gaat ermee naar bed. Dat geldt voor huidige havenwerkers, maar eveneens voor voormalige. Misschien is het wel zo dat iedereen die ooit een havenbaan heeft gehad, voor zijn of haar leven besmet met dat havenvirus. Het betekent dat je het wel en wee van ‘de port’ permanent in de gaten houdt. De een van heel dichtbij, de ander wat meer op afstand.

Door Jaap Luikenaar

Zo maken én volgen vele tienduizenden mensen de haven en het havennieuws. Online en offline, maar altijd ‘onport’. De haven is geïntegreerd in het dagelijks leven. Logisch ook, want de haven heeft met alles te maken. Daar ben je wereldhaven voor. Of het nu gaat om milieunormen of energietransitie, om arbeidsvoorwaarden, techniekopleiding of Internet of Things, om spoorlijnen, windenergieparken, hybride vaartuigen, of de aanleg van natuurgebieden, om Europese samenwerking, de Brexit of een handelsembargo. Wereldnieuws betekent veelal havenwereldnieuws.

Grappig genoeg is er tussen al dat wijd uiteenlopende havennieuws steevast één moment waar iedereen reikhalzend naar uitkijkt. Want elke havenvolger veert op als eind december de overslagcijfers de voorpagina’s van de krant halen. Praten over groot, groter, grootst en big is beautiful is eigenlijk not done en niet meer van deze tijd. Havencijfers vormen op die regel een uitzondering. Want die horen elk jaar toch weer net iets beter te zijn dan het jaar daarvoor. Op verjaardagspartijtjes, recepties of de buurtborrel is de haven dan een prima gespreksonderwerp. Trots. Proud to be a docker. Honderduit praten over die miljoenen tonnen overslag. Nee sorry, honderden miljoenen tonnen. De Rotterdamse haven scoort een dikke 8,5 onder het Nederlandse publiek en zelfs bijna een 9 onder Rotterdammers, Schiedammers, Vlaardingers, Maassluizers, Hoekers, Briellenaren, Spijkenissers en andere havenomwoners. Het onderzoek naar de reputatie wordt iedere twee jaar gehouden. De grootste haven ter wereld is Rotterdam al jaren niet meer, maar geen nood: op het alternatief is iedereen minstens zo fier. Want respondenten noemen mainport Rotterdam zonder schroom de beste haven ter wereld en van grote economische en maatschappelijke waarde.

Maar soms moet je met je mooie havenpraatje tijdens zo’n feestje ook wel eens in de verdediging. Zoals vorige maand, toen havenvoorman Allard Castelein in het achtuurjournaal kwam vertellen dat het nu ernst is met de plannen voor ondergrondse CO2-opslag. Daar sta je dan op je party, met een koel glas Oostenrijkse Grüner Veltliner in de hand. En krijg je om je oren: ja, ja, wordt ook wel tijd na dik tien jaar soebatten en verkennen. Hoeveel miljoen overheidssubsidie zit er ook al weer in dat Rotterdamse Opslag en Afvang Demonstratieproject (ROAD)? Was het niet 150 miljoen? Een bedrag dat Europa nog even verdubbelde, toch? En trokken kolenboeren Engie (GDF SUEZ) en Uniper (E.ON) precies een jaar geleden niet de stekker uit dit project? Jouw haventje is met al zijn industrie toch verantwoordelijk voor één vijfde van onze nationale CO2-uitstoot?

Over broeikaseffect gesproken: na zo’n kritisch vragenbombardement is ook die Grüner Veltliner al aardig aan het opwarmen. Ja, 24/7 ‘onport’ zijn betekent werk aan de winkel. Met veel plezier.